vorige volgende terug naar overzicht

Ryckebusch Medard

Zoon van Hendrik en Ryckebusch Leonie, geboren te Pervijze op 16 juni 1887.

Hij was gehuwd met Eugenia Verstraete.

Hij woonde in de Veurnestraat (Groene Poort 105) tot hij op 23 april 1905 verhuisde naar Avekapelle.

Op het einde van de oorlog was hij matroos en voer hij op de SS Paul, een cargo-vrachtschip dat gebouwd werd in 1890 en sedert 1918 eigendom was van een Brugse reder.

Op 26/09/1918 waren ze op weg van het Franse Caen naar Tyne, aan de Engelse oostkust gelegen.

Kort voor aankomst werd het schip getorpedeerd door de Duitse onderzeeŽr U-21 waardoor het schip zonk tot op een diepte tussen 24 en 29 meter. Het proces-verbaal opgemaakt na de ramp met de getuigenis van de overlevende kapitein geeft meer bijzonderheden over de omstandigheden.

Rond 6u50 stond de kapitein op de brug, het zicht was helder en het was nog daglicht. Opeens zag de matroos die vooraan op de uitkijk stond, een torpedo aankomen aan stuurboordzijde maar voor hij tijd had om te waarschuwen of te roepen was het projectiel al ingeslagen. De brug en de reddingsboten werden meteen in stukken geslagen en het schip is onmiddellijk gezonken. De bemanningsleden spartelden in het water en zij die konden zwemmen hebben zichzelf boven water kunnen houden met behulp van drijvende stukken hout. Ongelukkiglijk zijn er toch negen mannen verdronken.

De overlevenden zijn rond 7u45 opgepikt door een Engelse patrouilleboot die hen tegen 10u 's avonds aan land bracht in Whitby. De kapitein en twee matrozen waren gekwetst.

's Anderendaags zijn twee boten uitgevaren om nog overlevenden te zoeken maar alle pogingen bleken nutteloos.. Zijn lichaam en dat van de andere acht vermisten werden niet meer teruggevonden.

Na de oorlog woonde zijn weduwe te Oostende.