Hij ging op 9 december 1914 in dienst als vrijwilliger en begon dezelfde dag aan zijn opleiding in het opleidingskamp 8.
Zijn opleiding duurde tot 16 mei 1915 waarna hij bij zijn eenheid aan het front kwam. Kort voorheen, in april 1915 hadden de 2° Carabiniers nog deelgenomen aan zware gevechten bij Steenstrate.
Op 26 december 1916 muteerde hij naar de 4° Karabiniers. Na een rustperiode in het Franse Mailly, een honderdtal kilometer ten oosten van Parijs, kwamen ze terug aan het front en hielden de wacht in de streek van Boezinge, dan Nieuwkapelle, later Brielen en Nieuwpoort. Op 9 augustus 1918 waren ze opnieuw te Brielen waar ze talrijke Duitse stellingen aanvielen.
Tijdens het eindoffensief namen ze deel aan de inname van Passendale eind september 1918. Op 29 september raakte hij gewond en werd overgebracht naar een militair hospitaal waar hij zou blijven tot 2 november 1918.
Hij hoefde niet terug naar het front want hij kreeg tot 1 december 1918 verlof en toen was de wapenstilstand reeds getekend. Hij ging op 1 januari 1919 met onbepaald verlof.
Behaalde eretekens (klik op de afbeelding voor omschrijving)